Woordenlijst
Leer werkwoorden – Deens

ignorere
Barnet ignorerer sin mors ord.
negeren
Het kind negeert de woorden van zijn moeder.

undersøge
Blodprøver undersøges i dette laboratorium.
onderzoeken
Bloedmonsters worden in dit lab onderzocht.

ske
En ulykke er sket her.
gebeuren
Hier is een ongeluk gebeurd.

ringe
Kan du høre klokken ringe?
rinkelen
Hoor je de bel rinkelen?

fremhæve
Du kan fremhæve dine øjne godt med makeup.
benadrukken
Je kunt je ogen goed benadrukken met make-up.

slå
Hun slår bolden over nettet.
slaan
Ze slaat de bal over het net.

løbe ud
Hun løber ud med de nye sko.
naar buiten rennen
Ze rent met de nieuwe schoenen naar buiten.

blande
Hun blander en frugtjuice.
mengen
Ze mengt een vruchtensap.

bygge
Hvornår blev Den Kinesiske Mur bygget?
bouwen
Wanneer werd de Chinese Muur gebouwd?

kæmpe
Atleterne kæmper mod hinanden.
vechten
De atleten vechten tegen elkaar.

stoppe
Kvinden stopper en bil.
stoppen
De vrouw stopt een auto.
