Woordenlijst

Leer werkwoorden – Bosnisch

cms/verbs-webp/119417660.webp
vjerovati
Mnogi ljudi vjeruju u Boga.
geloven
Veel mensen geloven in God.
cms/verbs-webp/122079435.webp
povećati
Kompanija je povećala svoje prihode.
verhogen
Het bedrijf heeft zijn omzet verhoogd.
cms/verbs-webp/122398994.webp
ubiti
Pazi, s tom sjekirom možeš nekoga ubiti!
doden
Pas op, je kunt iemand doden met die bijl!
cms/verbs-webp/104820474.webp
zvučati
Njen glas zvuči fantastično.
klinken
Haar stem klinkt fantastisch.
cms/verbs-webp/119235815.webp
voljeti
Stvarno voli svog konja.
houden van
Ze houdt echt veel van haar paard.
cms/verbs-webp/115172580.webp
dokazati
On želi dokazati matematičku formulu.
bewijzen
Hij wil een wiskundige formule bewijzen.
cms/verbs-webp/116877927.webp
postaviti
Moja kćerka želi postaviti svoj stan.
inrichten
Mijn dochter wil haar appartement inrichten.
cms/verbs-webp/107852800.webp
gledati
Gleda kroz dvogled.
kijken
Ze kijkt door een verrekijker.
cms/verbs-webp/125116470.webp
vjerovati
Svi vjerujemo jedni drugima.
vertrouwen
We vertrouwen elkaar allemaal.
cms/verbs-webp/21342345.webp
svidjeti se
Djetetu se sviđa nova igračka.
leuk vinden
Het kind vindt het nieuwe speelgoed leuk.
cms/verbs-webp/79201834.webp
povezati
Ovaj most povezuje dvije četvrti.
verbinden
Deze brug verbindt twee wijken.
cms/verbs-webp/120282615.webp
ulagati
U što bismo trebali ulagati svoj novac?
investeren
Waar moeten we ons geld in investeren?