Woordenlijst

Leer werkwoorden – Bosnisch

cms/verbs-webp/105224098.webp
potvrditi
Mogla je potvrditi dobre vijesti svom mužu.
bevestigen
Ze kon het goede nieuws aan haar man bevestigen.
cms/verbs-webp/100565199.webp
doručkovati
Radije doručkujemo u krevetu.
ontbijten
We ontbijten het liefst op bed.
cms/verbs-webp/63868016.webp
vratiti
Pas vraća igračku.
terugbrengen
De hond brengt het speelgoed terug.
cms/verbs-webp/10206394.webp
podnijeti
Ona jedva podnosi bol!
verdragen
Ze kan de pijn nauwelijks verdragen!
cms/verbs-webp/114379513.webp
prekriti
Lokvanji prekrivaju vodu.
bedekken
De waterlelies bedekken het water.
cms/verbs-webp/21529020.webp
trčati prema
Djevojčica trči prema svojoj majci.
toelopen
Het meisje loopt naar haar moeder toe.
cms/verbs-webp/120452848.webp
znati
Ona zna mnoge knjige gotovo napamet.
kennen
Ze kent veel boeken bijna uit haar hoofd.
cms/verbs-webp/94796902.webp
snaći se
Ne mogu se snaći kako da se vratim.
de weg terugvinden
Ik kan de weg terug niet vinden.
cms/verbs-webp/108118259.webp
zaboraviti
Sada je zaboravila njegovo ime.
vergeten
Ze is nu zijn naam vergeten.
cms/verbs-webp/129945570.webp
odgovoriti
Ona je odgovorila pitanjem.
antwoorden
Ze antwoordde met een vraag.
cms/verbs-webp/91930542.webp
zaustaviti
Policajka zaustavlja auto.
stoppen
De agente stopt de auto.
cms/verbs-webp/66441956.webp
zapisati
Morate zapisati lozinku!
opschrijven
Je moet het wachtwoord opschrijven!