Woordenlijst
Leer werkwoorden – Litouws
versti
Jis gali versti šešiomis kalbomis.
vertalen
Hij kan tussen zes talen vertalen.
spėti
Tau reikia atspėti, kas aš esu!
raden
Je moet raden wie ik ben!
įleisti
Niekada negalima įleisti nepažįstamųjų.
binnenlaten
Men moet nooit vreemden binnenlaten.
šiurkšti
Lapai šiurkšta po mano kojomis.
ritselen
De bladeren ritselen onder mijn voeten.
statyti
Vaikai stato aukštą bokštą.
bouwen
De kinderen bouwen een hoge toren.
paaiškinti
Senelis paaiškina pasaulį savo anūkui.
uitleggen
Opa legt de wereld uit aan zijn kleinzoon.
išsiųsti
Ji nori išsiųsti laišką dabar.
versturen
Ze wil de brief nu versturen.
treniruoti
Šuo yra treniruojamas jos.
trainen
De hond wordt door haar getraind.
gyventi kartu
Abi planuoja greitu metu gyventi kartu.
samenwonen
De twee zijn van plan om binnenkort samen te gaan wonen.
pamiegoti
Jie nori pagaliau pamiegoti bent vieną naktį.
uitslapen
Ze willen eindelijk eens een nacht uitslapen.
vadovauti
Visada vadovauja patyręsiais trekeriais.
leiden
De meest ervaren wandelaar leidt altijd.