Woordenlijst

Leer werkwoorden – Litouws

cms/verbs-webp/106851532.webp
žiūrėti vienas į kitą
Jie žiūrėjo vienas į kitą ilgą laiką.
elkaar aankijken
Ze keken elkaar lang aan.
cms/verbs-webp/119302514.webp
skambinti
Mergaitė skambina draugei.
bellen
Het meisje belt haar vriendin.
cms/verbs-webp/109542274.webp
leisti pro
Ar pabėgėlius reikėtų leisti per sienas?
doorlaten
Moeten vluchtelingen aan de grenzen worden doorgelaten?
cms/verbs-webp/79317407.webp
liepti
Jis liepia savo šuniui.
bevelen
Hij beveelt zijn hond.
cms/verbs-webp/88597759.webp
spausti
Jis spausti mygtuką.
drukken
Hij drukt op de knop.
cms/verbs-webp/110646130.webp
padengti
Ji padengė duoną sūriu.
bedekken
Ze heeft het brood met kaas bedekt.
cms/verbs-webp/91906251.webp
šaukti
Berniukas šaukia kiek gali stipriai.
roepen
De jongen roept zo luid als hij kan.
cms/verbs-webp/85623875.webp
mokytis
Mano universitete mokosi daug moterų.
studeren
Er studeren veel vrouwen aan mijn universiteit.
cms/verbs-webp/123619164.webp
plaukti
Ji nuolat plaukioja.
zwemmen
Ze zwemt regelmatig.
cms/verbs-webp/117890903.webp
atsakyti
Ji visada atsako pirmoji.
antwoorden
Zij antwoordt altijd eerst.
cms/verbs-webp/62175833.webp
atrasti
Jūreiviai atrado naują žemę.
ontdekken
De zeelieden hebben een nieuw land ontdekt.
cms/verbs-webp/130288167.webp
valyti
Ji valo virtuvę.
schoonmaken
Ze maakt de keuken schoon.