Woordenlijst

Leer werkwoorden – Tsjechisch

cms/verbs-webp/82604141.webp
vyhodit
Šlápne na vyhozenou banánovou slupku.
weggooien
Hij stapt op een weggegooide bananenschil.
cms/verbs-webp/120509602.webp
odpustit
Nikdy mu to nemůže odpustit!
vergeven
Ze kan het hem nooit vergeven!
cms/verbs-webp/128159501.webp
míchat
Různé ingredience je třeba míchat.
mengen
Verschillende ingrediënten moeten worden gemengd.
cms/verbs-webp/106787202.webp
přijít domů
Táta konečně přišel domů!
thuiskomen
Papa is eindelijk thuisgekomen!
cms/verbs-webp/41935716.webp
ztratit se
V lese je snadné se ztratit.
verdwalen
Het is gemakkelijk om in het bos te verdwalen.
cms/verbs-webp/33564476.webp
přinést
Rozvozce pizzy přiveze pizzu.
bezorgen
De pizzabezorger bezorgt de pizza.
cms/verbs-webp/123619164.webp
plavat
Pravidelně plave.
zwemmen
Ze zwemt regelmatig.
cms/verbs-webp/104759694.webp
doufat
Mnozí doufají v lepší budoucnost v Evropě.
hopen
Velen hopen op een betere toekomst in Europa.
cms/verbs-webp/100565199.webp
snídat
Rádi snídáme v posteli.
ontbijten
We ontbijten het liefst op bed.
cms/verbs-webp/109099922.webp
připomínat
Počítač mi připomíná mé schůzky.
herinneren
De computer herinnert me aan mijn afspraken.
cms/verbs-webp/119302514.webp
volat
Dívka volá svému kamarádovi.
bellen
Het meisje belt haar vriendin.
cms/verbs-webp/40946954.webp
třídit
Rád třídí své známky.
sorteren
Hij sorteert graag zijn postzegels.