Woordenlijst

Leer werkwoorden – Kroatisch

cms/verbs-webp/102304863.webp
udariti
Pazi, konj može udariti!
schoppen
Pas op, het paard kan schoppen!
cms/verbs-webp/92145325.webp
gledati
Ona gleda kroz rupu.
kijken
Ze kijkt door een gat.
cms/verbs-webp/115520617.webp
pregaziti
Biciklist je pregazio automobil.
aanrijden
Een fietser werd aangereden door een auto.
cms/verbs-webp/5161747.webp
ukloniti
Bager uklanja tlo.
verwijderen
De graafmachine verwijdert de grond.
cms/verbs-webp/33599908.webp
služiti
Psi vole služiti svojim vlasnicima.
dienen
Honden dienen graag hun baasjes.
cms/verbs-webp/43483158.webp
ići vlakom
Tamo ću ići vlakom.
met de trein gaan
Ik ga er met de trein heen.
cms/verbs-webp/47062117.webp
snaći se
Mora se snaći s malo novca.
rondkomen
Ze moet rondkomen met weinig geld.
cms/verbs-webp/90554206.webp
prijaviti
Prijavljuje skandal svojoj prijateljici.
melden
Ze meldt het schandaal aan haar vriendin.
cms/verbs-webp/74908730.webp
uzrokovati
Previše ljudi brzo uzrokuje kaos.
veroorzaken
Te veel mensen veroorzaken snel chaos.
cms/verbs-webp/98977786.webp
imenovati
Koliko država možeš imenovati?
noemen
Hoeveel landen kun je noemen?
cms/verbs-webp/75195383.webp
biti
Ne bi trebali biti tužni!
zijn
Je moet niet verdrietig zijn!
cms/verbs-webp/125402133.webp
dodirnuti
Nježno ju je dodirnuo.
aanraken
Hij raakte haar teder aan.