Woordenlijst
Leer werkwoorden – Catalaans
preparar
Ells preparen un àpat deliciós.
bereiden
Ze bereiden een heerlijke maaltijd.
fugir
El nostre gat va fugir.
weglopen
Onze kat is weggelopen.
voler
Ell vol massa!
willen
Hij wil te veel!
entrar
Ell entra a l’habitació de l’hotel.
binnenkomen
Hij komt de hotelkamer binnen.
tallar
Cal tallar les formes.
uitknippen
De vormen moeten worden uitgeknipt.
mirar
Tothom està mirant els seus telèfons.
kijken
Iedereen kijkt naar hun telefoons.
millorar
Ella vol millorar la seva figura.
verbeteren
Ze wil haar figuur verbeteren.
estar interessat
El nostre fill està molt interessat en la música.
geïnteresseerd zijn
Ons kind is erg geïnteresseerd in muziek.
passar
Els doctors passen pel pacient cada dia.
langskomen
De artsen komen elke dag bij de patiënt langs.
repetir
El meu lloro pot repetir el meu nom.
herhalen
Mijn papegaai kan mijn naam herhalen.
enviar
Ella vol enviar la carta ara.
versturen
Ze wil de brief nu versturen.