Woordenlijst

Leer bijwoorden – Deens

cms/adverbs-webp/38216306.webp
også
Hendes kæreste er også fuld.
ook
Haar vriendin is ook dronken.
cms/adverbs-webp/23708234.webp
korrekt
Ordet er ikke stavet korrekt.
correct
Het woord is niet correct gespeld.
cms/adverbs-webp/166071340.webp
ud
Hun kommer ud af vandet.
uit
Ze komt uit het water.
cms/adverbs-webp/145004279.webp
ingen steder
Disse spor fører ingen steder hen.
nergens
Deze sporen leiden naar nergens.
cms/adverbs-webp/102260216.webp
i morgen
Ingen ved, hvad der vil ske i morgen.
morgen
Niemand weet wat morgen zal zijn.
cms/adverbs-webp/176235848.webp
ind
De to kommer ind.
in
De twee komen binnen.
cms/adverbs-webp/71670258.webp
i går
Det regnede kraftigt i går.
gisteren
Het regende hard gisteren.
cms/adverbs-webp/7769745.webp
igen
Han skriver alt igen.
opnieuw
Hij schrijft alles opnieuw.
cms/adverbs-webp/178653470.webp
udenfor
Vi spiser udenfor i dag.
buiten
We eten vandaag buiten.
cms/adverbs-webp/162590515.webp
nok
Hun vil sove og har fået nok af støjen.
genoeg
Ze wil slapen en heeft genoeg van het lawaai.
cms/adverbs-webp/121564016.webp
længe
Jeg måtte vente længe i venteværelset.
lang
Ik moest lang in de wachtkamer wachten.
cms/adverbs-webp/57457259.webp
ud
Det syge barn må ikke gå ud.
buiten
Het zieke kind mag niet naar buiten.