Woordenlijst

Leer bijwoorden – Noors

cms/adverbs-webp/71670258.webp
i går
Det regnet kraftig i går.
gisteren
Het regende hard gisteren.
cms/adverbs-webp/76773039.webp
for mye
Arbeidet blir for mye for meg.
te veel
Het werk wordt me te veel.
cms/adverbs-webp/80929954.webp
mer
Eldre barn får mer lommepenger.
meer
Oudere kinderen krijgen meer zakgeld.
cms/adverbs-webp/155080149.webp
hvorfor
Barn vil vite hvorfor alt er som det er.
waarom
Kinderen willen weten waarom alles is zoals het is.
cms/adverbs-webp/98507913.webp
alle
Her kan du se alle flaggene i verden.
alle
Hier kun je alle vlaggen van de wereld zien.
cms/adverbs-webp/111290590.webp
like
Disse menneskene er forskjellige, men like optimistiske!
even
Deze mensen zijn verschillend, maar even optimistisch!
cms/adverbs-webp/176427272.webp
ned
Han faller ned ovenfra.
naar beneden
Hij valt van boven naar beneden.
cms/adverbs-webp/121564016.webp
lenge
Jeg måtte vente lenge i venterommet.
lang
Ik moest lang in de wachtkamer wachten.
cms/adverbs-webp/38216306.webp
også
Venninnen hennes er også full.
ook
Haar vriendin is ook dronken.
cms/adverbs-webp/22328185.webp
litt
Jeg vil ha litt mer.
een beetje
Ik wil een beetje meer.
cms/adverbs-webp/178653470.webp
ute
Vi spiser ute i dag.
buiten
We eten vandaag buiten.
cms/adverbs-webp/176235848.webp
inn
De to kommer inn.
in
De twee komen binnen.