Woordenlijst
Leer bijwoorden – Noors
først
Sikkerhet kommer først.
eerst
Veiligheid komt eerst.
i det minste
Frisøren kostet i det minste ikke mye.
minstens
De kapper kostte minstens niet veel.
ute
Vi spiser ute i dag.
buiten
We eten vandaag buiten.
nå
Skal jeg ringe ham nå?
nu
Moet ik hem nu bellen?
kanskje
Hun vil kanskje bo i et annet land.
misschien
Ze wil misschien in een ander land wonen.
ned
Hun hopper ned i vannet.
naar beneden
Ze springt naar beneden in het water.
hvorfor
Barn vil vite hvorfor alt er som det er.
waarom
Kinderen willen weten waarom alles is zoals het is.
et sted
En kanin har gjemt seg et sted.
ergens
Een konijn heeft zich ergens verstopt.
noen gang
Har du noen gang mistet alle pengene dine i aksjer?
ooit
Heb je ooit al je geld aan aandelen verloren?
alle
Her kan du se alle flaggene i verden.
alle
Hier kun je alle vlaggen van de wereld zien.
om morgenen
Jeg har mye stress på jobben om morgenen.
‘s ochtends
‘s Ochtends heb ik veel stress op het werk.