Woordenlijst
Leer bijwoorden – Engels (UK)
almost
The tank is almost empty.
bijna
De tank is bijna leeg.
together
We learn together in a small group.
samen
We leren samen in een kleine groep.
somewhere
A rabbit has hidden somewhere.
ergens
Een konijn heeft zich ergens verstopt.
already
The house is already sold.
al
Het huis is al verkocht.
left
On the left, you can see a ship.
links
Aan de linkerkant zie je een schip.
soon
A commercial building will be opened here soon.
binnenkort
Hier wordt binnenkort een commercieel gebouw geopend.
for free
Solar energy is for free.
gratis
Zonne-energie is gratis.
yesterday
It rained heavily yesterday.
gisteren
Het regende hard gisteren.
also
The dog is also allowed to sit at the table.
ook
De hond mag ook aan tafel zitten.
in the morning
I have a lot of stress at work in the morning.
‘s ochtends
‘s Ochtends heb ik veel stress op het werk.
often
Tornadoes are not often seen.
vaak
Tornado‘s worden niet vaak gezien.