Kalmomi
Koyi kalmomi – Dutch

openen
Het kind opent zijn cadeau.
buɗe
Yaron yana buɗe kyautarsa.

bedanken
Ik bedank je er heel erg voor!
godiya
Na gode maka sosai saboda haka!

weerzien
Ze zien elkaar eindelijk weer.
gani
Sun gani juna kuma bayan lokaci.

begeleiden
De hond begeleidt hen.
tare
Kare yana tare dasu.

trekken
Hoe gaat hij die grote vis eruit trekken?
cire
Yaya zai cire wani kifi mai girma?

wakker worden
Hij is net wakker geworden.
tashi
Ya tashi yanzu.

voorzien
Strandstoelen worden voor de vakantiegangers voorzien.
bada
Kujerun kan bada wa masu bikin likimo.

beschermen
Een helm moet tegen ongelukken beschermen.
kare
Helmeci zai kare ka daga hatsari.

gebeuren
Er is iets ergs gebeurd.
faru
Abin da ba ya dadi ya faru.

uitgeven
Ze heeft al haar geld uitgegeven.
kashe
Ta kashe duk kuɗinta.

wassen
De moeder wast haar kind.
wanke
Uwa ta wanke yaranta.
