Vocabulary
Learn Adjectives – Dutch

getrouwd
het pas getrouwde echtpaar
married
the newly married couple

verdrietig
het verdrietige kind
sad
the sad child

extra
het extra inkomen
additional
the additional income

spannend
het spannende verhaal
exciting
the exciting story

vreemd
het vreemde beeld
strange
the strange picture

jaarlijks
de jaarlijkse toename
annual
the annual increase

bochtig
de bochtige weg
curvy
the curvy road

droog
de droge was
dry
the dry laundry

uitdrukkelijk
een uitdrukkelijk verbod
explicit
an explicit prohibition

onbekend
de onbekende hacker
unknown
the unknown hacker

half
de halve appel
half
the half apple
