Vocabulary
Learn Adjectives – Dutch
verticaal
een verticale rots
vertical
a vertical rock
gezouten
gezouten pinda‘s
salty
salted peanuts
veilig
veilige kleding
safe
safe clothing
verwisselbaar
drie verwisselbare baby‘s
mistakable
three mistakable babies
onvriendelijk
een onvriendelijke kerel
unfriendly
an unfriendly guy
onvoorstelbaar
een onvoorstelbaar ongeluk
unbelievable
an unbelievable disaster
homoseksueel
twee homoseksuele mannen
gay
two gay men
historisch
de historische brug
historical
the historical bridge
vrolijk
de vrolijke verkleedpartij
funny
the funny costume
failliet
de failliete persoon
bankrupt
the bankrupt person
onwaarschijnlijk
een onwaarschijnlijke worp
unlikely
an unlikely throw