Vocabulary
Learn Adjectives – Dutch

verschrikkelijk
de verschrikkelijke rekenoefening
terrible
the terrible calculation

persoonlijk
de persoonlijke begroeting
personal
the personal greeting

vroeg
vroeg leren
early
early learning

wekelijks
de wekelijkse vuilnisophaaldienst
weekly
the weekly garbage collection

gouden
de gouden pagode
golden
the golden pagoda

arm
een arme man
poor
a poor man

positief
een positieve houding
positive
a positive attitude

dubbel
de dubbele hamburger
double
the double hamburger

dwaas
het dwaze paar
silly
a silly couple

eerste
de eerste lentebloemen
first
the first spring flowers

aanwezig
een aanwezige bel
present
a present bell
