Wortschatz

Adverbien lernen – Niederländisch

cms/adverbs-webp/78163589.webp
bijna
Ik raakte bijna!
beinahe
Ich hätte beinahe getroffen!
cms/adverbs-webp/164633476.webp
opnieuw
Ze ontmoetten elkaar opnieuw.
wieder
Sie haben sich wieder getroffen.
cms/adverbs-webp/75164594.webp
vaak
Tornado‘s worden niet vaak gezien.
oft
Tornados sieht man nicht oft.
cms/adverbs-webp/96549817.webp
weg
Hij draagt de prooi weg.
fort
Er trägt die Beute fort.
cms/adverbs-webp/178600973.webp
iets
Ik zie iets interessants!
etwas
Ich sehe etwas Interessantes!
cms/adverbs-webp/142768107.webp
nooit
Men moet nooit opgeven.
niemals
Man darf niemals aufgeben.
cms/adverbs-webp/7659833.webp
gratis
Zonne-energie is gratis.
gratis
Sonnenenergie ist gratis.
cms/adverbs-webp/134906261.webp
al
Het huis is al verkocht.
schon
Das Haus ist schon verkauft.
cms/adverbs-webp/123249091.webp
samen
De twee spelen graag samen.
zusammen
Die beiden spielen gern zusammen.
cms/adverbs-webp/170728690.webp
alleen
Ik geniet van de avond helemaal alleen.
allein
Ich genieße den Abend ganz allein.
cms/adverbs-webp/57758983.webp
half
Het glas is half leeg.
halb
Das Glas ist halb leer.
cms/adverbs-webp/77321370.webp
bijvoorbeeld
Hoe vind je deze kleur, bijvoorbeeld?
beispielsweise
Wie gefällt Ihnen beispielsweise diese Farbe?