Woordenlijst

Leer bijwoorden – Afrikaans

cms/adverbs-webp/170728690.webp
alleen
Ek geniet die aand heeltemal alleen.
alleen
Ik geniet van de avond helemaal alleen.
cms/adverbs-webp/71670258.webp
gister
Dit het gister hard gereën.
gisteren
Het regende hard gisteren.
cms/adverbs-webp/77731267.webp
baie
Ek lees baie werklik.
veel
Ik lees inderdaad veel.
cms/adverbs-webp/164633476.webp
weer
Hulle het weer ontmoet.
opnieuw
Ze ontmoetten elkaar opnieuw.
cms/adverbs-webp/57457259.webp
uit
Die siek kind mag nie uitgaan nie.
buiten
Het zieke kind mag niet naar buiten.
cms/adverbs-webp/135007403.webp
in
Gaan hy in of uit?
in
Gaat hij naar binnen of naar buiten?