Vocabular
Învață adjective – Neerlandeză

ovaal
de ovale tafel
oval
masa ovală

gewelddadig
een gewelddadige confrontatie
violent
o confruntare violentă

onvoorstelbaar
een onvoorstelbaar ongeluk
incomensurabil
o tragedie incomensurabilă

lui
een lui leven
leneș
o viață leneșă

verkeerd
de verkeerde richting
greșit
direcția greșită

openbaar
openbare toiletten
public
toalete publice

oneerlijk
de oneerlijke taakverdeling
nedrept
împărțirea nedreaptă a muncii

juist
een juiste gedachte
corect
un gând corect

horizontaal
de horizontale lijn
orizontal
linia orizontală

extra
het extra inkomen
suplimentar
venitul suplimentar

overig
de overgebleven sneeuw
rămas
zăpada rămasă
