መዝገበ ቃላት
ግሶችን ይማሩ – ደችኛ
overtuigen
Ze moet haar dochter vaak overtuigen om te eten.
ማሳመን
ብዙውን ጊዜ ሴት ልጇን እንድትበላ ማሳመን አለባት.
zien
Je kunt beter zien met een bril.
ተመልከት
በብርጭቆዎች በተሻለ ሁኔታ ማየት ይችላሉ.
achterlopen
De klok loopt een paar minuten achter.
ቀስ ብሎ መሮጥ
ሰዓቱ ለጥቂት ደቂቃዎች ቀርፋፋ ነው።
schrijven
Hij schrijft een brief.
ጻፍ
ደብዳቤ እየጻፈ ነው።
verloven
Ze hebben stiekem verloofd!
ተጫጩ
በድብቅ ተጋብተዋል!
bevorderen
We moeten alternatieven voor autoverkeer bevorderen.
ማስተዋወቅ
ከመኪና ትራፊክ አማራጮችን ማስተዋወቅ አለብን።
luisteren
Hij luistert naar haar.
ያዳምጡ
እሱ እሷን እያዳመጠ ነው።
annuleren
Hij heeft helaas de vergadering geannuleerd.
ሰርዝ
በሚያሳዝን ሁኔታ ስብሰባውን ሰርዟል።
ontbijten
We ontbijten het liefst op bed.
ቁርስ ይበሉ
በአልጋ ላይ ቁርስ ለመብላት እንመርጣለን.
bewijzen
Hij wil een wiskundige formule bewijzen.
ማረጋገጥ
እሱ የሂሳብ ቀመር ማረጋገጥ ይፈልጋል.
uitgaan
De kinderen willen eindelijk naar buiten.
ውጣ
ልጆቹ በመጨረሻ ወደ ውጭ መሄድ ይፈልጋሉ.