Testen 10



Datum:
Tijd besteed aan testen::
Score:


Sun Aug 31, 2025

0/10

Klik op een woord
1. Ik ben hier.
Yo estoy ,   See hint
2. Drie. De derde.
, El tercero.   See hint
3. Waar gaan ze graag heen?
¿A dónde les gusta ,   See hint
4. Zal ik de aardappelen schillen?
¿Quieres que las patatas?   See hint
5. Hier is mijn kredietkaart.
Aquí mi tarjeta de crédito.   See hint
6. Dit heb ik niet besteld.
Eso no he pedido.   See hint
7. De volgende tram komt over 10 minuten.
El próximo tranvía pasa de minutos.   See hint
8. Is de beurs ’s maandags geopend?
¿Está abierta feria los lunes?   See hint
9. Je hebt schoenen, sandalen en laarzen nodig.
necesitas zapatos, sandalias y botas.   See hint
10. Wij willen namelijk salami kopen.
Es que querríamos comprar ,   See hint